3 zeldzame insecten en hoe je ze helpt in jouw tuin

 
Het vliegend hert is een zeldzame kever in Nederland die haar eitjes aflegt op dood hout van loofbomen

Het vliegend hert is de grootse kever van Nederland

 

In een groene tuin geniet je elke dag van de natuur om je heen. Maar wist je dat je met jouw (kleine) tuin ook echt iets kunt betekenen voor die natuur? Met een ecologische tuin creëer je een plek waar niet alleen jij maar ook dieren in je omgeving zich thuis mogen voelen. Ik neem je mee in de bijzondere verhalen van drie zeldzame insecten, en hoe je ze helpt om een plek te vinden in jouw tuin.

Het vliegend hert (Lucanus cervus)

Het vliegend hert is geen hert, maar een kever. Deze naam heeft hij te danken aan de grote kaken die doen denken aan het gewei van een hert. Het is de grootste kever van Nederland, hij kan tot 9 cm lang worden.

Het vliegend hert legt haar eitjes alleen op dood, vermolmd hout van loofbomen. De larven voeden zich 4-8(!) jaar lang met het rottende hout waarin schimmels actief zijn. In de herfst verpoppen ze en in de zomer daarop vliegen ze uit. Na de paring gaan de vrouwtjes op zoek naar een plek om hun eitjes af te leggen. Enkele weken nadat ze zijn uitgevlogen, sterven ze, en begint de cyclus opnieuw.

Zo help je het vliegend hert

Laat dood hout in de tuin liggen of leg een broedhoop aan. Dat kun je creëren door stronken of takken van oud eikenhout voor driekwart in te graven in de grond, zodat het langzaam wordt aangetast door schimmels.

De gewone langhoornbij (Eucera longicornis)

De gewone langhoornbij is een solitaire, wilde bij. De bij is vrij groot, tot wel 16 mm lang. Je herkent de mannetjes aan hun lange voelsprieten. Je komt de bij alleen nog tegen in het oosten en zuiden van Nederland.

Voor nectar en stuifmeel zijn ze afhankelijk van vlinderbloemigen. De bij heeft een sterke voorkeur voor rode klaver, wat door mensen vaak als onkruid wordt beschouwd. De gewone langhoornbij nestelt in de grond, het liefst in een schuin oplopende wand.

Zo help je de gewone langhoornbij

Plant en zaai vlinderbloemigen in de tuin, zoals rode klaver en lathyrus. Maar ook met gewone ossentong, wilde marjolein, duifkruid en knoopkruid maak je deze bij blij.

Het pimpernelblauwtje legt haar eitjes alleen af op de grote pimpernel en is afhankelijk van de moerassteekmier

De grote pimpernel is de waardplant van het pimpernelblauwtje

 

Het pimpernelblauwtje (Phengaris teleius)

Het pimpernelblauwtje is een vlinder die zowel kieskeurig als honkvast is. Ze legt haar eitjes alleen af op de grote pimpernel (Sanguisorba officinalis) en is ook nog eens afhankelijk van de moerassteekmier (Myrmica scabrinodis). Als vlinder verlaat ze zelden het gebied waar ze zich heeft ontpopt.

De rups van het pimpernelblauwtje voedt zich met de bloemen van de grote pimpernel. Na 3-4 weken valt ze op de grond en wacht ze tot ze gevonden wordt door een moerassteekmier. De mier melkt de rups één tot twee uur. Daarna neemt de mier haar mee terug naar zijn nest, waar de rups het volledige mierenbroed opeet. De rups overwintert in het nest en verlaat in het voorjaar het nest als vlinder.

Zo help je het pimpernelblauwtje

Plant de grote pimpernel in je tuin. Het is ook nog eens een prachtige plant die in de winter een fijnvertakt wintersilhouet biedt. En mocht je een moerassteekmierennest in de tuin hebben, dan zal het pimpernelblauwtje het voor je opruimen. ;-)

Kleine aanpassingen in je tuin maken al een groot verschil voor de biodiversiteit in jouw omgeving. Weet je niet waar je moet beginnen? Ik heb een checklist gemaakt met zes laagdrempelige acties waar je vandaag nog mee aan de slag kunt.

 
 

Volgende
Volgende

Schaduwplanten: verborgen parels in de tuin